top of page

Blog Archive

Behavioral Money Deep Dive – Week 4: Stress, Identiteit en de Betekenis van Geld

  • Foto van schrijver: CheesyGoulash
    CheesyGoulash
  • 12 sep
  • 19 minuten om te lezen

Dit artikel maakt deel uit van de 10-weekse Behavioral Money Deep Dive Series, waarin we stap voor stap de gedragspsychologische kanten van geld onderzoeken. In de eerdere weken hebben we al verschillende fundamenten behandeld die ons financiële gedrag onzichtbaar sturen:


In Week 4 verschuiven we de focus naar drie onderling verbonden thema’s die misschien nog fundamenteler zijn: stress, identiteit en de betekenis van geld. We zien hoe de druk ons emotioneel (functioneren) beïnvloedt, hoe onze identiteit vervlochten raakt met financieel gedrag, en hoe de betekenis die we aan geld geven ons welzijn mede bepaalt.


Hoofdstuk 1: Stress en Geld

Inleiding

Financiële stress is een van de meest hardnekkige vormen van psychologische druk. Werkstress of relatieproblemen kunnen vaak tijdelijk zijn, maar geldstress kan zich langzaam maar zeker in je dagelijks leven nestelen. Het beïnvloedt emoties, denkvermogen of creativiteit, gezondheid en zelfs relaties.


In dit hoofdstuk onderzoeken we wat financiële stress is, welke mechanismen eraan ten grondslag liggen, en welke gevolgen ze heeft voor gezondheid en gedrag.


1.1 Wat is financiële stress?

Financiële stress gaat niet alleen over objectieve armoede of schulden, maar vooral over de beleving van tekort (Peirce et al., 1996). Jijzelf kan hetzelfde inkomen hebben als je broer of zus maar jullie kunnen een totaal verschillend stressniveau ervaren, afhankelijk van verwachtingen, sociale vergelijking en persoonlijke betekenisgeving. Het gevoel van “tekort” is dus vaak subjectief.

Een veel gebruikte quote (van Will Rogers) verwijst ook naar iets dat veel mensen wel herkennen met betrekking tot de sociale vergelijking:


“Too many people spend money they haven’t earned, to buy things they don’t want, to impress people they don’t like,”

1.2 Psychologische mechanismen

a. Schaarste en tunnelvisie - Onderzoek van Mani et al. (2013) laat zien dat financiële zorgen ons cognitief vermogen (informatie verwerking) aantasten. Doordat de aandacht volledig wordt opgeslokt door de geldproblemen blijft er geen mentale ruimte over voor iets anders. Hierdoor neemt de kans op (kortetermijn) keuzes alleen maar verder toe. Bijvoorbeeld door dure leningen of gebruik van creditcards en Klarna.

b. Lichaam in alarmstand - Geldstress triggert dezelfde fysiologische respons als fysieke bedreigingen: verhoogde cortisol, slaapproblemen en risico op hartziekten (Sweet et al., 2013). Geldstress is dus ook een medische risicofactor.

c. Emoties onder druk - Naast lichamelijke en cognitieve effecten heeft geldstress een sterk emotioneel profiel: schaamte, angst, machteloosheid en soms depressieve klachten (Richardson et al., 2013). Het verlies van controle tast autonomie en zelfbeeld aan.


"Door een emotionele rollercoaster en tunnelvisie, maakt iemand met geldproblemen nog meer verkeerde keuzes en komt door deze vicieuze cirkel alleen maar verder in de problemen"

1.4 Ongelijkheid en verschillen

Niet iedereen ervaart geldstress op dezelfde manier. Lage inkomens worden structureel harder geraakt, maar ook de middenklasse worstelt – vaak door schulden of baanonzekerheid (Lusardi & Tufano, 2015).

1.5 Reflectievragen

  • Wanneer in je leven voelde je de meeste geldstress – en hoe beïnvloedde dat je keuzes?

  • Welke korte-termijnoplossingen hebben je later juist problemen bezorgd?

  • Welke buffers – financieel, sociaal, emotioneel – helpen jou overeind te blijven?


1.6 Onze reflectie

  • Net na de aankoop van mijn eerste woning ondervond ik de meeste stress. Doormiddel van een starterslening en twee inwonende vrienden lukte het net om elke maand rond te komen. Elke maand stond ik in de min op mijn betaalrekening en leefde van salaris tot salaris. Sparen kwam niet eens bij mij op, omdat ik altijd er voor moest zorgen dat ik niet meer rood stond.

  • Toen we elkaar ontmoeten woonden A nog in Boedapest, dus moesten we bijna een jaar op en neer vliegen. Wij hadden het geluk dat de tickets toen nog vaak 2 keer per maand rond de 20 euro voor een retour ticket waren. In het begin van je relatie wil je natuurlijk extra indruk op elkaar maken dus dat waren ook geen goedkope weekendjes.

  • Nu onze salarissen gegroeid zijn we wel in de gelegenheid om meer te sparen. Nu hebben we bewust een vaste onderhoudsbuffers, dit geeft extra rust. Daarnaast hebben wij ook een spaarpot op een rekening waar we niet super makkelijk bij kunnen (Raisin), hier sparen we nu voor een grotere onzekerheidspot, ook dit is puur om ons niet gestrestst te voelen.


Conclusie

Financiële stress is geen klein ongemak maar een krachtige vicieuze cirkel. Het beperkt denkvermogen, ondermijnt gezondheid en drukt zwaar op emoties. En juist omdat geld zo verweven is met ons dagelijks leven, werkt geldstress door op identiteit en welzijn.

Binnen het veld van Behavioral Money is dit besef cruciaal: geldstress is niet alleen een individueel probleem, maar een maatschappelijk fenomeen.


Dit onderzoek heeft ons doen inzien dat


Hoofdstuk 2: Identiteit en Geld

Inleiding

Geld is een spiegel van wie we zijn en wie we willen zijn. Het heeft (helaas) een grote invloed op hoe we naar ons zelf kijken, maar ook hoe andere ons zien. Het is tevens een manier hoe we betekenis geven aan ons bestaan.

In dit hoofdstuk onderzoeken we hoe geld en identiteit met elkaar verbonden zijn. We kijken naar de rol van consumptie in verbintenis met je identiteit, de spanning tussen gedrag en je zelfbeeld, maar ook de rol van cultuur of maatschappij / community waar toe je behoort.


2.1 Theoretische fundamenten

Het zelfconcept en geld

Het zelfconcept omvat de overtuigingen en waarden die iemand over zichzelf heeft (Markus & Wurf, 1987). Geld speelt hierin een dubbele rol: het biedt de middelen om een levensstijl te realiseren die met dit zelfbeeld overeenkomt, maar het confronteert ons ook met de beperkingen daarvan.

Denk aan iemand die zichzelf ziet als een verantwoordelijk ouder die zijn gezin altijd een veilige basis wil bieden. Wanneer het vervolgens lastig blijkt om de huur of energierekening op tijd te betalen, botst dat zelfbeeld met de realiteit. Het resultaat: gevoelens van falen, schaamte en soms zelfs een identiteitscrisis (Dittmar, 2008).


Sociale identiteit en status

Volgens de sociale identiteitstheorie (Tajfel & Turner, 1979) ontlenen mensen hun identiteit deels aan de groepen waartoe ze behoren. Geld en consumptie zijn krachtige symbolen in die groepsdynamiek. Merkkleding, auto’s of woningen functioneren niet alleen als gebruiksobjecten, maar ook als signalen van status en groepslidmaatschap (Han et al., 2010).


De extended self

Belk (1988) introduceerde het concept van de extended self: bezittingen worden ervaren als een verlengstuk van onszelf. Het verlies van belangrijke objecten (bijvoorbeeld een huis, erfstuk of zelfs smartphone) kan ervaren worden als een verlies van identiteit. Geld maakt dit mechanisme mogelijk, omdat het toegang biedt tot symbolische objecten en ervaringen.


2.2 Consumptiegedrag als identiteitsconstructie

Consumptie is niet enkel economisch; het is een middel om een verhaal over jezelf te vertellen. Denk aan de keuze tussen een elektrische auto of een sportwagen. Beide vervullen dezelfde basisfunctie (vervoer), maar de identiteitsboodschappen verschillen radicaal: milieubewust of kostenbewust versus statusgericht.

Ahuvia (2005) stelt dat mensen consumptie (de spullen die ze kopen, de merken waar ze zich mee identificeren, de ervaringen die ze opdoen door te consumeren) gebruiken om een samenhangend levensverhaal te creëren. We kiezen producten die “passen” bij ons verhaal, en vermijden die welke ermee botsen. Dit verklaart ook waarom financiële beperkingen zo ingrijpend kunnen zijn: ze dwingen ons onszelf te herdefiniëren.


2.3 Botsingen tussen financieel gedrag en zelfbeeld

Schaamte en schuld

Wanneer financieel gedrag niet overeenkomt met iemands zelfbeeld, ontstaat er vaak schaamte. Een persoon die zichzelf ziet als “verantwoordelijk” kan diepe schuldgevoelens ervaren bij het hebben van schulden. Deze emoties kunnen zo verlammend zijn dat ze leiden tot vermijdingsgedrag – rekeningen ongeopend laten, leningen verzwijgen – waardoor de situatie verergert (Walker, 2012).


Het impostor-syndroom

Financieel succes kan ook leiden tot identiteitsproblemen. Bij het impostor-syndroom voelen individuen zich ongepast in hun positie, alsof ze hun succes niet “echt” verdiend hebben (Clance & Imes, 1978). Dit kan financiële beslissingen beïnvloeden, bijvoorbeeld door overdreven voorzichtigheid of juist risicogedrag om het succes “te bewijzen”.


2.4 Cultuur, maatschappij en identiteit

De relatie tussen geld en identiteit wordt sterk beïnvloed door culturele context.

  • Individualistische culturen (zoals de VS of Nederland) leggen vaak nadruk op geld als symbool van persoonlijke autonomie en prestatie (Hofstede, 2001).

  • Collectivistische culturen (zoals Japan of China) verbinden geld sterker met familieverantwoordelijkheid en groepsharmonie.

Daarnaast spelen maatschappelijke structuren een rol. Consumptie-ideologieën in westerse samenlevingen versterken de koppeling tussen zelfwaarde en materieel succes (Kasser, 2002). Dit verklaart waarom financiële tegenslag vaak harder wordt ervaren: niet alleen de portemonnee, maar ook het zelfbeeld komt onder druk.


2.5 Voorbeelden en casussen

Casus 1: De student met studieschuld

Een masterstudent ziet zichzelf als toekomstig professional, maar draagt een zware studieschuld. Hoewel objectief gezien een investering in menselijk kapitaal, kan de schuld subjectief ervaren worden als “falen” of “achterstand”. Dit heeft directe gevolgen voor zelfvertrouwen en loopbaankeuzes.


Casus 2: De immigrant ondernemer

Een migrant die in Nederland een klein bedrijf opbouwt, kan geld beschouwen als bewijs van integratie en succes. Tegelijk kan druk vanuit de familie in het thuisland leiden tot conflicten over geldbesteding: sparen voor eigen groei versus financiële steun sturen. Identiteit en geld raken hier verweven met transnationale loyaliteiten.


2.6 Reflectievragen voor de lezer

  1. Hoe weerspiegelen jouw uitgaven en consumptiekeuzes jouw waarden en zelfbeeld?

  2. Heb je ooit financiële beslissingen genomen puur om een bepaald imago te behouden?

  3. Welke rol speelt cultuur of sociale vergelijking in jouw relatie tussen geld en identiteit?


Onze reflectie

Onze uitgaven en consumptie weerspiegelen zeker onze waarden en zelfbeeld. Iets waar ik (J) niks om geef is uiterlijke vertoning, waardoor het uitgaven patroon ook nauwelijks kosten voor kleding laat zien (alleen als A mij dwingt om "fatsoenlijke" kleding aan schaffen). Ook dure etentjes in sterren restaurants zal je ons niet zien nuttigen. Ten eerste omdat wij geen waarde hechten aan dat "fancy" gedoe (maar ook omdat J niet zo veel bijzondere dingen lust). Toch vallen ook wij voor imago dingetjes. Zoals een duurdere elektrische auto. Niet dat dit bewust voor het imago gekocht was, maar doordat je jezelf wijs maakt dat die auto toch net lekkerder rijdt dan een andere auto, net mooier is dan die andere auto (alsof dat iets uitmaakt eigenlijk) en ook omdat het toch ook goed voelt als andere mensen iets leuks zeggen over je "bezit" (wat het dan ook mag zijn). We blijven toch sociale dieren en iedereen is vatbaar voor complimenten (zelfs als je er zelf geen waarde hecht bij andere).


Conclusie Hoofdstuk 2

Geld en identiteit zijn onafscheidelijk verbonden. Consumptie en financiële beslissingen zijn niet louter functioneel, maar dragen bij aan de constructie en het onderhoud van het zelf. Wanneer financiële realiteit en identiteitsidealen botsen, ontstaan gevoelens van schaamte, schuld of crisis. Culturele en maatschappelijke contexten kleuren deze dynamiek verder in.

Binnen het Behavioral Money-kader is dit inzicht cruciaal: financiële keuzes zijn ook identiteitskeuzes. Het begrijpen van die verbinding helpt ons om genuanceerder te kijken naar geldgedrag, en om interventies te ontwikkelen die recht doen aan de psychologische dimensie van geld.


Hoofdstuk 3: De Betekenis van Geld

Inleiding

Wat betekent geld eigenlijk? Voor de een staat het gelijk aan veiligheid, voor de ander aan succes. Sommigen zien het als een middel om dromen waar te maken, terwijl anderen het beschouwen als bron van zorgen of morele dilemma’s. Binnen de gedragswetenschappen wordt al decennialang onderzocht hoe individuen en samenlevingen symbolische betekenissen aan geld toekennen, en hoe die betekenissen vervolgens financiële keuzes en welzijn beïnvloeden.

In dit hoofdstuk verkennen we de verschillende betekenislagen van geld. We behandelen theoretische modellen (waaronder de Money Ethic Scale), filosofische en sociologische perspectieven, en empirische bevindingen over de relatie tussen geldbetekenis en welzijn. Ook besteden we aandacht aan de culturele variatie in geldbetekenis en aan reflectieve vragen die jou als lezer helpen je eigen relatie met geld te onderzoeken.


3.1 Geld als symbool

Geld voorbij de economische functie

Traditioneel gezien wordt geld economisch gedefinieerd als ruilmiddel, rekeneenheid en oppotmiddel (Samuelson & Nordhaus, 2009). Maar psychologisch en sociologisch vervult geld nog veel meer functies. Het fungeert als symbool dat waarden, relaties en identiteiten belichaamt. Zoals Viviana Zelizer (1994) overtuigend laat zien, is geld altijd sociaal “getagd”: we behandelen hetzelfde geldbedrag anders afhankelijk van de context (cadeaugeld, salaris, erfenis).


De meervoudige betekenissen

Psychologisch onderzoek laat zien dat individuen geld koppelen aan uiteenlopende betekenissen, waaronder:

  • Veiligheid: een buffer tegen onzekerheid en tegenslag.

  • Vrijheid: de mogelijkheid om keuzes te maken zonder afhankelijkheid.

  • Status: een middel om erkenning en sociale positie te verwerven.

  • Macht: de capaciteit om invloed uit te oefenen op anderen of situaties.

  • Liefde en zorg: geld besteden aan familie en vrienden als uitdrukking van verbondenheid.


3.2 De Money Ethic Scale (MES)

Een van de meest invloedrijke instrumenten om geldbetekenis te meten is de Money Ethic Scale (Tang, 1992). Deze schaal onderzoekt hoe individuen geld zien langs verschillende dimensies, zoals:

  1. Geld als succes – Hoe sterk men prestaties en eigenwaarde koppelt aan financiële uitkomsten.

  2. Geld als vrijheid – In hoeverre geld geassocieerd wordt met autonomie en keuzevrijheid.

  3. Geld als zonde of kwaad – De morele connotaties die aan geld worden toegekend.

  4. Geld als macht – De mate waarin geld gezien wordt als bron van controle en invloed.

Onderzoek met de MES laat zien dat deze betekenissen niet neutraal zijn: ze beïnvloeden werktevredenheid, motivatie, en zelfs ethisch gedrag. Werknemers die geld sterk als succes ervaren, rapporteren vaker werkstress en lagere tevredenheid (Tang & Chiu, 2003). Omgekeerd correleert een sterk gevoel van geld als vrijheid met hogere motivatie en welbevinden (Tang et al., 2004).


3.3 Filosofische en sociologische perspectieven

Georg Simmel: de abstractie van geld

De Duitse socioloog Georg Simmel (1900/1990) zag geld als ultieme vorm van abstractie. Waar ruilhandel persoonlijke relaties veronderstelde, maakt geld interacties objectief en afstandelijk. Dit creëert enerzijds vrijheid, maar anderzijds ook vervreemding: menselijke relaties worden steeds meer “gemonetariseerd”.


Max Weber: de protestantse ethiek

Weber (1905/2002) legde een verband tussen religieuze overtuigingen en de betekenis van geld. Volgens hem versterkte de protestantse arbeidsethos de koppeling tussen geld, arbeid en morele waarde. Succes in werk en rijkdom werden gezien als tekenen van persoonlijke discipline – een associatie die vandaag nog doorwerkt in neoliberale meritocratieën.


Viviana Zelizer: het sociale leven van geld

Zelizer (1994) toonde aan dat geld nooit volledig neutraal is, maar door mensen sociaal en moreel wordt “gelabeld”. Hetzelfde geldbedrag krijgt een andere betekenis afhankelijk van context: zakgeld voor kinderen, bruidsschatten, giften. Dit benadrukt dat de betekenis van geld relationeel en cultureel ingebed is.


3.4 Subjectieve betekenis en welzijn

Materialistische oriëntatie

Onderzoek van Kasser & Ryan (1993) laat zien dat mensen die geld en rijkdom centraal stellen als levensdoelen (“extrinsieke waarden”) vaker lagere niveaus van welzijn en hogere niveaus van stress ervaren. Materialisme blijkt negatief te correleren met tevredenheid in relaties en psychologische gezondheid.


Financiële betekenis en levenskwaliteit

Niet de hoeveelheid geld bepaalt dus primair het welzijn, maar de betekenis die eraan wordt toegekend. Mensen die geld zien als middel tot vrijheid rapporteren vaak meer levensvoldoening, terwijl zij die geld als symbool van status of macht zien, vatbaarder zijn voor ontevredenheid en sociale vergelijking (Srivastava et al., 2001).


3.5 Culturele variatie in geldbetekenis

Culturele studies laten zien dat betekenissen van geld sterk verschillen tussen samenlevingen:

  • In Westerse individualistische culturen wordt geld vaak gelijkgesteld aan autonomie en zelfrealisatie (Hofstede, 2001).

  • In Aziatische collectivistische culturen wordt geld vaker verbonden met familie-eer, intergenerationele solidariteit en sociale verplichtingen (Yang, 2013).

  • In ontwikkelingslanden krijgt geld vaak de betekenis van pure overleving en basisveiligheid, waardoor geldstress intenser ervaren wordt (Guzmán et al., 2020).


3.6 Reflectievragen voor de lezer

  1. Welke betekenis geef jij primair aan geld: vrijheid, status, veiligheid, zorg of macht?

  2. Zijn jouw financiële keuzes vooral gedreven door persoonlijke waarden of door sociale verwachtingen?

  3. Hoe verschilt jouw kijk op geld van die van je ouders of je cultuur van herkomst?


Onze reflectie

Vrijheid en veiligheid zijn voor ons de belangrijkste in combinatie met zorg. Wij voelen ons (deels) verantwoordelijk voor het (financiële) geluk van familie leden. Ik denk dat wij ook deels ons gevoel van eigenwaarde en status daaruit proberen te ontlenen. Alsof wij niet genoeg als personen zouden toevoegen als wij er niet financieel voor ons families zouden zijn (als achtervang).


Onze kijk verschilt enorm van onze ouders. De ouders van A, zijn uiteraard Hongaars, de ouders van J zijn Nederlands, dus daar zitten kleine culturele verschillen in, maar niet zoveel als dat je zou verwachten. Onze ouders zijn geen investeerders geweest (nou geen succesvolle in ieder geval) en hebben nooit iets "opgebouwd" behalve hun eigen woning en standaard pensioen. Beide families zijn opgegroeid met het idee dat het systeem / pensioenfondsen hun oude dag zou voorzien en dat klopt voor hen ook.


Vrijheid was niet echt een onderwerp in hun tijd en status was ook niet iets waar ze zich mee bezig hielden, want wie geboren wordt als een dubbeltje wordt nooit een kwartje. Onze generatie is anders, mede door de ervaringen die wij op andere leeftijden mee hebben gekregen. Het idee dat er financiële zekerheden zijn als wij met pensioen zijn, is iets waarvan wij niet afhankelijk willen zijn. Daarnaast dromen wij wel van een vrijheid waarbij niet 40 jaar voor dezelfde werkgever werken, maar ook de gelegenheid willen hebben om andere keuzes te maken. Ook worden we door sociale media gek gemaakt over dat status voor iedereen binnen handbereik is, ongeacht wie je bent, zoals je maar hard genoeg werkt.


Conclusie Hoofdstuk 3

De betekenis van geld gaat veel verder dan cijfers op een bankrekening. Het is een krachtig symbool dat vrijheid kan schenken, maar ook druk en vervreemding kan veroorzaken. Academisch onderzoek toont aan dat de interpretatie van geld bepalend is voor welzijn, motivatie en ethisch gedrag. Het is daarom essentieel om niet alleen naar financiële cijfers te kijken, maar ook naar de subjectieve betekenissen die eraan verbonden zijn.

Binnen het Behavioral Money-raamwerk is dit inzicht fundamenteel: geld is een psychologisch geladen symbool dat onze keuzes diepgaand beïnvloedt. Door bewust stil te staan bij wat geld voor ons betekent, kunnen we niet alleen onze financiën, maar ook ons leven beter vormgeven.


Hoofdstuk 4: Integratie – Het Driehoekmodel

Inleiding

De voorgaande hoofdstukken hebben ons laten zien dat stress, identiteit en de betekenis van geld niet los van elkaar functioneren. Integendeel: ze vormen een dynamisch systeem waarin elke component de andere beïnvloedt. Om deze onderlinge samenhang beter te begrijpen, introduceren we hier het Driehoekmodel van Behavioral Money.

Dit model beschrijft hoe (1) financiële stress ons denken en handelen beïnvloedt, (2) identiteit richting geeft aan hoe we geld ervaren en gebruiken, en (3) de subjectieve betekenis van geld deze relatie voortdurend kleurt. Door dit samenspel zichtbaar te maken, krijgen we niet alleen beter inzicht in financieel gedrag, maar ook in de interventies die kunnen bijdragen aan gezonder omgaan met geld.


4.1 Het Driehoekmodel – een overzicht

Het model bestaat uit drie hoekpunten:

  1. Stress – de psychologische en fysiologische belasting die voortkomt uit financiële onzekerheid of druk.

  2. Identiteit – het zelfbeeld en de sociale rollen die mede door geld en consumptie worden gevormd.

  3. Betekenis van geld – de symbolische en subjectieve waarden die individuen toekennen aan geld (bijv. vrijheid, status, veiligheid).

De verbindingen tussen deze punten zijn bidirectioneel:

  • Stress beïnvloedt identiteit (schaamte, verlies van status), maar identiteit bepaalt ook hoe stress ervaren wordt.

  • Identiteit beïnvloedt de betekenis van geld (wat geld “voor jou” symboliseert), maar de betekenis die je geld geeft, versterkt of verzwakt je identiteitsgevoel.

  • De betekenis van geld kan stress verminderen (als geld vrijheid symboliseert) of vergroten (als geld status symboliseert).


4.2 Van Stress naar Identiteit

Financiële stress heeft directe gevolgen voor ons zelfbeeld. Onderzoek laat zien dat mensen in schulden vaak gevoelens van falen en schaamte ervaren, die hun identiteit ondermijnen (Walker, 2012). Deze identiteitsimpact is niet louter psychologisch: verlies van financiële middelen kan leiden tot sociale uitsluiting, waardoor iemands sociale identiteit bedreigd wordt (Schoon & Bynner, 2019).

Voorbeeld: iemand die zichzelf ziet als “goede provider” voor het gezin, maar door baanverlies in financiële problemen komt, kan een identiteitscrisis ervaren. Stress en identiteitsverlies versterken elkaar hier wederzijds.


4.3 Van Identiteit naar Stress

De relatie werkt ook andersom: onze identiteit bepaalt hoe vatbaar we zijn voor financiële stress. Wanneer iemand zijn of haar zelfwaarde sterk koppelt aan materieel succes, wordt elk financieel verlies een bedreiging voor het zelfbeeld. Dit vergroot de kans op stress (Dittmar, 2008).

Culturele component: In individualistische samenlevingen, waar succes vaak in geld wordt uitgedrukt, is de koppeling tussen identiteit en stress sterker dan in collectivistische culturen, waar familiebanden of sociale harmonie meer bepalend zijn (Hofstede, 2001).


4.4 Van Identiteit naar Geldbetekenis

Identiteit fungeert als een lens waardoor we geld interpreteren. Voor iemand die zichzelf ziet als avonturier kan geld primair vrijheid symboliseren, terwijl voor iemand die zichzelf ziet als verzorger, geld eerder zorg en verantwoordelijkheid representeert.

Deze relatie wordt bevestigd in onderzoek met de Money Ethic Scale: mensen met sterke individualistische identiteiten scoren hoger op “geld als succes” en “geld als macht”, terwijl meer collectivistische identiteiten hogere scores laten zien op “geld als zorg of solidariteit” (Tang, 1992).


4.5 Van Geldbetekenis naar Identiteit

De symbolische waarde die we aan geld toekennen, voedt op haar beurt onze identiteit. Wie geld als status ziet, zal consumptie inzetten om een bepaald imago neer te zetten, en zo zijn identiteit uitdrukken en vormgeven. Wie geld ziet als vrijheid, ontwikkelt daarentegen een identiteit rond onafhankelijkheid en autonomie.

Voorbeeld: onderzoek van Ahuvia (2005) toont dat consumenten hun levensnarratief mede construeren door middel van “geliefde objecten” die vaak met geld zijn aangeschaft. Deze objecten functioneren als bouwstenen van identiteit.


4.6 Van Stress naar Geldbetekenis

Stress kleurt hoe we geld ervaren. Bij acute financiële druk krijgt geld vaak de betekenis van pure overleving en veiligheid. In die context verdwijnt geld als symbool van vrijheid of status naar de achtergrond.

Empirisch bewijs: Mani et al. (2013) toonden dat cognitieve bandbreedte onder financiële stress zodanig beperkt wordt dat geld bijna uitsluitend nog als middel tot directe probleemoplossing wordt gezien. Lange-termijnbetekenissen (investeren in toekomst, zelfontplooiing) verdwijnen.


4.7 Van Geldbetekenis naar Stress

De betekenis die je aan geld geeft, beïnvloedt hoeveel stress je ervaart. Als geld vooral status symboliseert, kan elke financiële tegenslag stress veroorzaken omdat het imago op het spel staat. Als geld daarentegen vrijheid symboliseert, kan een financiële buffer juist stress reduceren.

Onderzoek van Srivastava et al. (2001) laat zien dat mensen die geld primair zien als middel tot autonomie, hogere levensvoldoening rapporteren en minder vatbaar zijn voor financiële stress, vergeleken met mensen die geld zien als status of macht.


4.8 Praktische implicaties van het model

Het Driehoekmodel laat zien dat interventies op één punt impact kunnen hebben op de hele dynamiek:

  • Stressreductie: programma’s die financiële educatie en schuldhulp bieden, kunnen niet alleen stress verlagen, maar ook identiteitsherstel bevorderen en geldbetekenis verschuiven van overleving naar autonomie.

  • Identiteitswerk: coaching die mensen helpt hun zelfwaarde los te koppelen van financiële status kan stress verlagen en meer constructieve betekenissen van geld bevorderen.

  • Betekenisbewustzijn: reflectie op persoonlijke geldbetekenis kan stress verminderen en identiteit versterken door meer congruentie tussen waarden en financieel gedrag.


Conclusie Hoofdstuk 4

Stress, identiteit en de betekenis van geld vormen een driehoekige dynamiek waarin elk element de andere beïnvloedt. Financiële stress kan identiteiten onder druk zetten, identiteiten kleuren de manier waarop we geld ervaren, en de betekenis die we aan geld toekennen, bepaalt hoe sterk stress ons raakt.

Het Driehoekmodel biedt een geïntegreerde lens om dit samenspel te begrijpen. Voor behavioral money betekent dit: financieel gedrag analyseren vraagt om een meervoudig perspectief dat zowel psychologisch, sociaal als symbolisch is. Alleen door deze verwevenheid te erkennen, kunnen we effectieve interventies ontwikkelen die mensen helpen gezonder en bewuster met geld om te gaan.


Conclusie

Deze deep dive door stress, identiteit en de betekenis van geld laat zien dat geld veel meer is dan een economisch instrument. Het is een psychologisch geladen symbool dat ons welzijn diepgaand beïnvloedt.

  • Stress toont hoe kwetsbaarheid en schaarste ons cognitief en emotioneel functioneren beperken.

  • Identiteit maakt duidelijk dat geld verweven is met zelfbeeld en sociale positie.

  • Betekenis onthult dat wat geld voor ons betekent uiteindelijk belangrijker is dan hoeveel we ervan hebben.


Het Driehoekmodel maakt zichtbaar hoe deze elementen elkaar wederzijds versterken. Financiële stress kan identiteiten onder druk zetten; identiteiten bepalen hoe we geld ervaren; en de betekenis van geld beïnvloedt hoeveel stress we voelen.


De implicatie voor behavioral money is helder: gezond financieel gedrag vraagt om een integrale benadering. Niet alleen rekensommen of budgetadviezen, maar ook aandacht voor identiteit, waarden en psychologische processen. Alleen dan kunnen we individuen, organisaties en samenlevingen helpen om bewuster, veerkrachtiger en uiteindelijk gelukkiger met geld om te gaan.


Bronnen

  • Ahuvia, A. C. (2005). Beyond the extended self: Loved objects and consumers’ identity narratives. Journal of Consumer Research, 32(1), 171–184. https://doi.org/10.1086/429607

  • Belk, R. W. (1988). Possessions and the extended self. Journal of Consumer Research, 15(2), 139–168. https://doi.org/10.1086/209154

  • Clance, P. R., & Imes, S. A. (1978). The imposter phenomenon in high achieving women: Dynamics and therapeutic intervention. Psychotherapy: Theory, Research & Practice, 15(3), 241–247. https://doi.org/10.1037/h0086006

  • Dittmar, H. (2008). Consumer culture, identity and well-being: The search for the “good life” and the “body perfect”. Psychology Press. https://doi.org/10.4324/9780203496311

  • Galatzer-Levy, I. R., Burton, C. L., & Bonanno, G. A. (2012). Coping flexibility, potentially traumatic life events, and resilience: A prospective study of college student adjustment. Journal of Social and Clinical Psychology, 31(6), 542–567. https://doi.org/10.1521/jscp.2012.31.6.542

  • Guzmán, D., Henn, C., & Louw, J. (2020). Financial stress, coping and well-being of South African households. Journal of Economic Psychology, 80, 102307. https://doi.org/10.1016/j.joep.2020.102307

  • Han, Y. J., Nunes, J. C., & Drèze, X. (2010). Signaling status with luxury goods: The role of brand prominence. Journal of Marketing, 74(4), 15–30. https://doi.org/10.1509/jmkg.74.4.15

  • Hofstede, G. (2001). Culture’s consequences: Comparing values, behaviors, institutions and organizations across nations (2nd ed.). Sage.

  • Kasser, T. (2002). The high price of materialism. MIT Press. https://doi.org/10.7551/mitpress/2944.001.0001

  • Kasser, T., & Ryan, R. M. (1993). A dark side of the American dream: Correlates of financial success as a central life aspiration. Journal of Personality and Social Psychology, 65(2), 410–422. https://doi.org/10.1037/0022-3514.65.2.410

  • Kim, J., & Garman, E. T. (2004). Financial stress, pay satisfaction and workplace performance. Compensation & Benefits Review, 36(1), 69–76. https://doi.org/10.1177/0886368703261215

  • Lusardi, A., & Mitchell, O. S. (2014). The economic importance of financial literacy: Theory and evidence. Journal of Economic Literature, 52(1), 5–44. https://doi.org/10.1257/jel.52.1.5

  • Lusardi, A., & Tufano, P. (2015). Debt literacy, financial experiences, and overindebtedness. Journal of Pension Economics & Finance, 14(4), 332–368. https://doi.org/10.1017/S1474747215000232

  • Mani, A., Mullainathan, S., Shafir, E., & Zhao, J. (2013). Poverty impedes cognitive function. Science, 341(6149), 976–980. https://doi.org/10.1126/science.1238041

  • Markus, H., & Wurf, E. (1987). The dynamic self-concept: A social psychological perspective. Annual Review of Psychology, 38(1), 299–337. https://doi.org/10.1146/annurev.ps.38.020187.001503

  • Mirowsky, J., & Ross, C. E. (2003). Education, social status, and health. Aldine de Gruyter. https://doi.org/10.4324/9780203785781

  • Mullainathan, S., & Shafir, E. (2013). Scarcity: Why having too little means so much. Times Books.

  • Norvilitis, J. M., Szablicki, P. B., & Wilson, S. D. (2006). Factors influencing levels of credit-card debt in college students. Journal of Applied Social Psychology, 33(5), 935–947. https://doi.org/10.1111/j.1559-1816.2003.tb01932.x

  • Peirce, R. S., Frone, M. R., Russell, M., & Cooper, M. L. (1996). Financial stress, social support, and alcohol involvement: A longitudinal test of the buffering hypothesis in a general population survey. Health Psychology, 15(1), 38–47. https://doi.org/10.1037/0278-6133.15.1.38

  • Richardson, T., Elliott, P., & Roberts, R. (2013). The relationship between personal unsecured debt and mental and physical health: A systematic review and meta-analysis. Clinical Psychology Review, 33(8), 1148–1162. https://doi.org/10.1016/j.cpr.2013.08.009

  • Samuelson, P. A., & Nordhaus, W. D. (2009). Economics (19th ed.). McGraw-Hill.

  • Schoon, I., & Bynner, J. (2019). Young people and the great recession: Variations in the school-to-work transition in Europe and the United States. Longitudinal and Life Course Studies, 10(2), 153–173. https://doi.org/10.1332/175795919X15514456677349

  • Simmel, G. (1990). The philosophy of money (T. Bottomore & D. Frisby, Trans.). Routledge. (Original work published 1900). https://doi.org/10.4324/9780203428411

  • Srivastava, A., Locke, E. A., & Bartol, K. M. (2001). Money and subjective well-being: It’s not the money, it’s the motives. Journal of Personality and Social Psychology, 80(6), 959–971. https://doi.org/10.1037/0022-3514.80.6.959

  • Sweet, E., Nandi, A., Adam, E. K., & McDade, T. W. (2013). The high price of debt: Household financial debt and its impact on mental and physical health. Social Science & Medicine, 91, 94–100. https://doi.org/10.1016/j.socscimed.2013.05.009

  • Tajfel, H., & Turner, J. C. (1979). An integrative theory of intergroup conflict. In W. G. Austin & S. Worchel (Eds.), The social psychology of intergroup relations (pp. 33–47). Brooks/Cole.

  • Tang, T. L. P. (1992). The meaning of money revisited. Journal of Organizational Behavior, 13(2), 197–202. https://doi.org/10.1002/job.4030130209

  • Tang, T. L. P., & Chiu, R. K. (2003). Income, money ethic, pay satisfaction, commitment, and unethical behavior: Is the love of money the root of evil for Hong Kong employees? Journal of Business Ethics, 46(1), 13–30. https://doi.org/10.1023/A:1024731611490

  • Tang, T. L. P., Kim, J. K., & Tang, D. S. H. (2004). Does attitude toward money moderate the relationship between intrinsic job satisfaction and voluntary turnover? Journal of Management, 30(5), 603–625. https://doi.org/10.1016/j.jm.2004.03.001

  • Walker, C. (2012). Financial management, coping and identity among low-income earners. International Journal of Consumer Studies, 36(1), 21–27. https://doi.org/10.1111/j.1470-6431.2011.01004.x

  • Weber, M. (2002). The Protestant ethic and the “spirit” of capitalism (S. Kalberg, Trans.). Roxbury Publishing. (Original work published 1905).

  • Wilson, J. M., Lee, J., Fitzgerald, H. N., Oosterhoff, B., Sevi, B., & Shook, N. J. (2020). Job insecurity and financial concern during the COVID-19 pandemic are associated with worse mental health. Journal of Occupational and Environmental Medicine, 62(9), 686–691. https://doi.org/10.1097/JOM.0000000000001962

  • Yang, N. (2013). Chinese money attitudes: The impact of Chinese culture on money attitudes. Journal of Applied Business and Economics, 15(1), 78–94.

  • Zelizer, V. A. (1994). The social meaning of money. Basic Books.

 
 
 

Opmerkingen


De nieuwste blogs ontvangen?

Bedankt voor het aanmelden!

bottom of page